Ik ben meerdere malen aangesproken op het feit dat ik geen aandacht heb besteed aan de heftige commotie rondom de Bank Anno Nu.
De reden daarvoor is dat ik in dit weblog probeer gebeurtenissen op het gebied van Corporate Governance op een objectieve manier te plaatsen en te bespreken vanuit een wetenschappelijke context.
De afgelopen weken echter overheerste vooral de commotie, morele verontwaardiging en nogal kolderieke beweringen van zowel de politiek, de pers als een groot aantal vermeende deskundigen.
Ik hou me liever bij de feiten en na afloop van het debat in de Tweede Kamer is het denk ik goed een paar zaken met u door te nemen.
De overheid is een onbetrouwbare aandeelhouder en werkgever
Het blijft een beetje onderbelicht, maar de benoemingen van de leden van de Raad van Bestuur van ABN Amro in 2010 zijn goedgekeurd door de toenmalige minister van Financiën, Kees de Jager.
Daarin werd afgesproken dat er een salaris van 6 ton zou worden betaald met de mogelijkheid van een bonus van 50% als vooraf gestelde prestatiedoelen werden behaald.
Ik heb daar in de pers en de politiek weinig over gehoord.
De Raad van Bestuur heeft die doelen gehaald maar de Bonuswet van 2011 haalde hier een streep door.
Deze wet verbiedt dat leden van de Raad van Bestuur van een door de staat gesteunde financiële instelling een bonus krijgen.
Als compensatie mocht echter wel het vaste salaris worden verhoogd met een maximum van 20%.
Opvallend is dat de Raad van Commissarissen hiertoe besloot, in overeenstemming met de aandeelhouder, maar dat de bestuursleden hiervan afzagen.
In 2014 besloot de Raad van Commissarissen tot een verhoging van het vaste salaris met 16,67%.
Volgens het jaarverslag (pagina 244) met toestemming van de aandeelhouder.
Je zou zeggen dat de betrokken bestuursleden eindelijk krijgen waarop ze recht hebben en wat ook wettelijk is toegestaan.
Het doet, wat mij betreft dan ook vreemd aan dat zowel de minister als de Tweede Kamer gaan zeggen dat dit in feite amoreel is en moeilijk te verteren.
Afspraak is toch afspraak en bovendien helemaal volgens de wet die de Tweede Kamer zelf heeft opgesteld.
Begrijpt u het nog?
Bovendien heb ik niemand horen zeggen dat de bestuursleden van de bank hun werk niet goed hebben gedaan.
Toegegeven, er was een affaire in Dubai en de Nederlandsche Bank is niet helemaal tevreden over de interne beheersing, maar dat laat onverlet dat de gestelde doelen bij aanstelling werden behaald.
Dat alles maakt het nogal onwerkelijk dat je dan als Kamer zo te keer gaat tegen een toegelaten en verdiende beloning.
De minister had best wel kunnen ingrijpen
Het verweer van de minister was dat hij het besluit niet verstandig vond maar dat hij de rechtmatigheid niet kon betwisten.
Dat is feitelijk bezien een vreemde uitlating: als de criteria zijn behaald die men bij de aanstelling had afgesproken is er toch niets aan de hand?
Dan is het toch een verstandig besluit?
Het betekent afspraak nakomen en loon naar werken.
Ook zegt de minister dat hij niet meer kon ingrijpen toen men toch het besluit wilde doorzetten.
De reden was dat hij de wetgeving niet met terugwerkende kracht kon veranderen.
Het is mooi verdedigend geformuleerd, maar wel van een ongelofelijk politiek gehalte.
Men volgt de wet zegt de minister, dat is eigenlijk wel jammer vind ik, maar er is niets aan te doen.
Waarom de minister dat jammer vindt is niet echt duidelijk.
Mogelijk achteraf door de enorme commotie, maar blijkbaar toendertijd niet.
Ik zou bijna zeggen, natuurlijk niet, want het was allemaal geheel conform de afspraken.
Als je dringend bekwame bestuurders nodig hebt voor de heropbouw van een bank moet je ze een aantrekkelijk aanbod doen en dat aanbod ook nakomen.
Overigens had de minister best wel kunnen ingrijpen.
Zo'n besluit komt niet ineens tot stand en vergt veel intern overleg.
Door de twee vanwege de overheid benoemde commissarissen had de minister wel degelijk voortdurend de vinger aan de pols en had hij de besluitvorming kunnen bijsturen.
Daarbij was er ook sprake van overleg tussen de top van de bank en de minister.
Je had in dat voortraject al wel kunnen laten weten dat je het niet verstandig had gevonden om een dergelijk besluit te nemen en dat je het er niet mee eens bent.
Of, dat gebeurd is weten we niet, blijkbaar worden er van het overleg geen notulen gemaakt.
Een tweede argument van de minister is dat hij als enige middel had de Raad van Commissarissen naar huis te sturen en dat hij dat een te zwaar middel vond.
Ook dat is weer kort door de bocht.
De minister had wel meer middelen gehad om in te grijpen als grootaandeelhouder.
De Bank Anno Nu is een structuurvennootschap waar een wat afwijkend regime heerst t.o.v. commissarissen en aandeelhouders.
Ik raad u aan mijn boek Grondslagen van Corporate Governance hierop na te lezen, maar het komt er kort op neer dat commissarissen bij een structuurvennootschap een zwaardere rol hebben dan bij een gewone vennootschap.
Zij benoemen en ontslaan bestuurders (en niet de aandeelhouders).
Het bezoldigingsbeleid wordt overigens wel vastgesteld door de aandeelhouders in de algemene vergadering van aandeelhouders.
Het is aan de aandeelhouders om hier wel of niet goedkeuring aan te verlenen.
Dat is het eerste wapen van de minister, als enige aandeelhouder.
Je bent dan echter wel laat want het feit is al geschiedt.
Het tweede wapen van de minister is om te dreigen met het wegsturen van de gehele Raad van Commissarissen (kan overigens alleen bij een structuurvennootschap).
In de pers lees ik dat hij heeft overwogen om het vertrouwen op te zeggen in de Raad maar dat niet echt serieus heeft overwogen.
Dat had hij overigens wel kunnen doen als enig aandeelhouder, maar ook daarmee was het besluit tot loonsverhoging niet ongedaan gemaakt.
Wel berokken je de bank daarmee grote schade en bovendien had de Raad tegen dit besluit bij de Ondernemingskamer bezwaar kunnen aantekenen.
Kortom, los van het reguliere overleg tussen grootaandeelhouder en bestuurders en commissarissen, waren er wettelijk wel degelijk machtsmiddelen die de minister uiteindelijk had kunnen inzetten.
Alleen het dreigen ermee was vermoedelijk al genoeg geweest, los van het feit dat een indringend "nee" van de grootaandeelhouder waarschijnlijk ook wel had geholpen.
Afsluitend
Het is al met al een beste beurt voor de politiek.
Je moet je als werkgever nooit te veel laten beïnvloeden door de publieke opinie.
De belofte van Dijsselbloem dat er nooit meer een loonsverhoging komt zolang de staat aandelen bezit is niet alleen loos maar ook hol.
Dat had je dat maar eerder moeten waarmaken.
Maar dan wel met een duidelijke uitleg, naar alle betrokkenen.
Overigens praat men wel over een "bonus", maar dat is onjuist, het betreft een verhoging van het vaste salaris.
Posts tonen met het label bonussen banken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bonussen banken. Alle posts tonen
donderdag 9 april 2015
vrijdag 17 oktober 2014
Bonuswet financiële instellingen aangenomen in Tweede Kamer
Donderdagavond 16 oktober heeft de Tweede Kamer een meerderheid ingestemd met de bonuswet voor financiële instellingen. Ik heb hier al eerder over geschreven (hier over het negatieve advies van de Raad van State en hier mijn kritiek op het voorstel) en ben beslist geen voorstander van deze wetgeving.
Leidinggevende bij financiële instellingen mogen voortaan vanaf 1 januari 2015 maar 20% van hun vaste salaris aan bonussen ontvangen, ook wordt de vertrekregeling beperkt tot 100% van het jaarsalaris.
Doordat naast de coalitiepartijen PvdA en VVD, ook D66, Christen Unie, Groen Links en het CDA instemden met de wet kan minister Dijsselbloem rekenen op een meerderheid in de Eerste Kamer.
Zoals gebruikelijk zijn er ook een aantal amendementen aangenomen:
Ik geef nog een korte samenvatting van mijn kritiek:
Leidinggevende bij financiële instellingen mogen voortaan vanaf 1 januari 2015 maar 20% van hun vaste salaris aan bonussen ontvangen, ook wordt de vertrekregeling beperkt tot 100% van het jaarsalaris.
Doordat naast de coalitiepartijen PvdA en VVD, ook D66, Christen Unie, Groen Links en het CDA instemden met de wet kan minister Dijsselbloem rekenen op een meerderheid in de Eerste Kamer.
Zoals gebruikelijk zijn er ook een aantal amendementen aangenomen:
- voortaan moeten financiële instellingen in het jaarverslag opnemen wat de totale som is van de variabele beloningen die ze willen uitkeren;
- het bonuswet wordt ook van toepassing op het senior management van staatsgesteunde banken;
- beheerst beloningsbeleid moet een "wegingsfactor" zijn bij het inkopen van financiële adviezen en diensten. Als Nederland bijvoorbeeld een buitenlandse bank wil inhuren voor adviezen, denk aan de beursgang ABN Amro, moet er bij die bank worden aangedrongen op een beleid van beheerste variabele beloningen.
Ik geef nog een korte samenvatting van mijn kritiek:
- Nederland loop volledig uit de pas met de rest van Europa met een percentage van 20%. Europa wil 100%.
- Nederland loop eveneens uit de pas met Europa door de bonuswet voor de hele financiële sector te laten gelden. Europa wil dat alleen de banken er onder vallen.
dinsdag 26 november 2013
Bonussen financiële sector drastisch afgetopt
Minister Dijsselbloem stuurde vandaag een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer waarin de een einde wordt gemaakt aan de "perverse prikkels" in de financiële sector door de bonussen vanaf 2015 aan te pakken.
Variabele beloningen worden maximaal 20 procent van het vaste salaris en dit plafond gaat gelden voor alle werknemers in de financiële sector.
Volgens de minister zorgden o.a. te hoge bonussen ervoor dat medewerkers in deze sector te grote risico's namen. Dat leidde uiteindelijk tot grote problemen die door de belastingbetaler moesten worden opgelost.
Ik heb zo de indruk dat de gemiddelde Nederlander dit een goed voorstel zal vinden. De bankensector heeft zich door allerlei schandalen niet populair gemaakt en de enorme bonussen voor de top deden naar nog een schepje bovenop.
Voor alle duidelijkheid, ik ben geen voorstander van excessieve variabele beloning van bestuurders.
In mijn boek Grondslagen van Corporate Governance zeg ik over bonussen het volgende:
Als ik de commentaren in de media lees en beluister dan is men over het algemeen positief.
Bedenkingen
Toch wil ik er op wijzen dat er ook enkele bedenkelijke kanten aan dit voorstel.
Nederland loopt namelijk uit de pas met de rest van Europa de rest van de wereld en dat kan een aantal negatieve gevolgen hebben.
In de memorie van toelichting staat de lezen wat die afwijkingen inhouden:
In het wetsvoorstel wordt niet onderbouwd waarom er nu voor 20% is gekozen, behalve de verwijzing dat dit in het regeerakkoord was opgenomen. Er zal hopelijk wel over zijn nagedacht, over het waarom echter wordt feitelijk niets gemeld. Het kabinet vindt dat gekozen moet worden voor een "sobere variabele beloning" (zie pagina 3) en dat is die 20% dan ook.
Het nadeel is dat die 20% zo sober is dat die voor veel medewerkers van financiële instellingen als een enorme klap zal worden ervaren. Een gemiddelde beurshandelaar is nu eenmaal gewend aan een flinke bonus als hij goed heeft gepresteerd en dat valt nu zonder meer weg.
Natuurlijk kan dat gecompenseerd worden met een hoger vast salaris, maar leg dat maar eens uit aan bijvoorbeeld een uitzonderlijk goed presterende handelaar in aandelen of valuta's. Voor hem was er immers altijd sprake van een variabele beloning gekoppeld aan de resultaten die hij voor de bank behaalde.
Uitwijk naar een ander land waar die beperking niet geldt ligt dan voor de toppers voor de hand en daar is de sector, en uiteindelijk ook ons land niet bij gebaat.
Gehele sector
Ook is niet onderbouwd waarom dit nu oor de hele financiële sector gaat gelden. De kredietcrisis en de daaruit voortvloeiende staatssteun heeft zich vooral afgespeeld bij sommige banken en niet in de rest van de financiële sector.
Waarom zou men in het verzekeringswezen dan ook moeten afzien van bonussen?
Elke natuurlijke persoon
Tenslotte valt elke persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de financiële onderneming, onder de reikwijdte van het wetsvoorstel. Dit betreft personen in dienst van de onderneming via een regulier arbeidscontract maar ook personen die werkzaamheden verrichten op basis van andere overeenkomsten (bijv. met een opdrachtovereenkomst).
Ook dit wijkt sterk af van de voorstellen van Brussel waar men wil dat alleen het topmanagement met minder bonussen genoegen moet nemen maar de overige werknemers niet.
Het enige dat de memorie van toelichting daarover zegt is dat het doel van deze brede groep is het tegengaan van ontwijkingsconstructies.
Dat is een nogal technisch argument, dat niet ingaat op de vraag waarom iedereen onder dit wetsvoorstel gaat vallen en waarom we zo afwijken van wat men in de Europese Unie wil.
Conclusie
Het zal u net verbazen dat ik op basis van de eerder genoemde drie punten nogal negatief ben over het voorstel. Ik had gekozen voor een ruimer plafond voor een beperkte groep personen werkzaam in de bancaire sector. Ik had bovendien toch maar even gewacht op de definitieve Europese voorstellen.
Dat is uiteindelijk ook mijn grootste bezwaar want we lopen hierdoor ver uit de pas met de rest van Europa.
Dat wordt beaamd door kamerlid Eddy van Hijum die zegt op RTLZ dat wat hem betreft Nederland "best een beetje vooruit mag lopen"
Dat is mogelijk heel stoer, maar dat doet de sector totaal geen goed.
Het gevaar van een braindrain vanuit Nederland is nu wel heel erg dichtbij. Bovendien wordt het voor de Nederlandse financiële sector wel heel moeilijk concurreren met buitenlandse instellingen op de (internationale) arbeidsmarkt.
Variabele beloningen worden maximaal 20 procent van het vaste salaris en dit plafond gaat gelden voor alle werknemers in de financiële sector.
Volgens de minister zorgden o.a. te hoge bonussen ervoor dat medewerkers in deze sector te grote risico's namen. Dat leidde uiteindelijk tot grote problemen die door de belastingbetaler moesten worden opgelost.
Ik heb zo de indruk dat de gemiddelde Nederlander dit een goed voorstel zal vinden. De bankensector heeft zich door allerlei schandalen niet populair gemaakt en de enorme bonussen voor de top deden naar nog een schepje bovenop.
Voor alle duidelijkheid, ik ben geen voorstander van excessieve variabele beloning van bestuurders.
In mijn boek Grondslagen van Corporate Governance zeg ik over bonussen het volgende:
"De empirische constatering is dat prestatiebeloning vaak niet leidt tot betere prestaties of dat in ieder geval geen bewijs te vinden is voor de prikkelwerking van variabele beloning voor topmanagers, zoals door veel onderzoekers is aangetoond (Cools 2005, Harris 2008). Voorstanders van prestatiebeloning verwijzen vaak naar studies over stukloon waar wel een positieve relatie is gevonden. Dat is waar, maar die relatie is nu eenmaal niet aangetoond bij de beloning van topmanagers en bovendien vergeet men daarbij dat er vaak sterke negatieve bijeffecten optreden: bonusblindheid en gaming."Ik kan dan ook best begrijpen dat minister Dijsselbloem al te hoge bonussen wil aanpakken.
Als ik de commentaren in de media lees en beluister dan is men over het algemeen positief.
Bedenkingen
Toch wil ik er op wijzen dat er ook enkele bedenkelijke kanten aan dit voorstel.
Nederland loopt namelijk uit de pas met de rest van Europa de rest van de wereld en dat kan een aantal negatieve gevolgen hebben.
In de memorie van toelichting staat de lezen wat die afwijkingen inhouden:
Plafond van 20%
- Nederland loopt met de 20% ver uit de pas met voorstellen die er in Europees verband signaleren en die neerkomen op een maximum aan variabele beloning van 100 van de vaste beloning, of maximaal 200% met expliciete goedkeuring van de aandeelhouders;
- Wij willen bovendien dat dit plafond van 20% gaat gelden voor de gehele financiële sector en niet alleen voor banken zoals de Europese Unie wil;
- Ten derde is het plafond van toepassing op elke persoon werkzaam in de financiële sector en niet alleen voor het topmanagement zoals men in Brussels voorstelt.
In het wetsvoorstel wordt niet onderbouwd waarom er nu voor 20% is gekozen, behalve de verwijzing dat dit in het regeerakkoord was opgenomen. Er zal hopelijk wel over zijn nagedacht, over het waarom echter wordt feitelijk niets gemeld. Het kabinet vindt dat gekozen moet worden voor een "sobere variabele beloning" (zie pagina 3) en dat is die 20% dan ook.
Het nadeel is dat die 20% zo sober is dat die voor veel medewerkers van financiële instellingen als een enorme klap zal worden ervaren. Een gemiddelde beurshandelaar is nu eenmaal gewend aan een flinke bonus als hij goed heeft gepresteerd en dat valt nu zonder meer weg.
Natuurlijk kan dat gecompenseerd worden met een hoger vast salaris, maar leg dat maar eens uit aan bijvoorbeeld een uitzonderlijk goed presterende handelaar in aandelen of valuta's. Voor hem was er immers altijd sprake van een variabele beloning gekoppeld aan de resultaten die hij voor de bank behaalde.
Uitwijk naar een ander land waar die beperking niet geldt ligt dan voor de toppers voor de hand en daar is de sector, en uiteindelijk ook ons land niet bij gebaat.
Gehele sector
Ook is niet onderbouwd waarom dit nu oor de hele financiële sector gaat gelden. De kredietcrisis en de daaruit voortvloeiende staatssteun heeft zich vooral afgespeeld bij sommige banken en niet in de rest van de financiële sector.
Waarom zou men in het verzekeringswezen dan ook moeten afzien van bonussen?
Elke natuurlijke persoon
Tenslotte valt elke persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de financiële onderneming, onder de reikwijdte van het wetsvoorstel. Dit betreft personen in dienst van de onderneming via een regulier arbeidscontract maar ook personen die werkzaamheden verrichten op basis van andere overeenkomsten (bijv. met een opdrachtovereenkomst).
Ook dit wijkt sterk af van de voorstellen van Brussel waar men wil dat alleen het topmanagement met minder bonussen genoegen moet nemen maar de overige werknemers niet.
Het enige dat de memorie van toelichting daarover zegt is dat het doel van deze brede groep is het tegengaan van ontwijkingsconstructies.
Dat is een nogal technisch argument, dat niet ingaat op de vraag waarom iedereen onder dit wetsvoorstel gaat vallen en waarom we zo afwijken van wat men in de Europese Unie wil.
Conclusie
Het zal u net verbazen dat ik op basis van de eerder genoemde drie punten nogal negatief ben over het voorstel. Ik had gekozen voor een ruimer plafond voor een beperkte groep personen werkzaam in de bancaire sector. Ik had bovendien toch maar even gewacht op de definitieve Europese voorstellen.
Dat is uiteindelijk ook mijn grootste bezwaar want we lopen hierdoor ver uit de pas met de rest van Europa.
Dat wordt beaamd door kamerlid Eddy van Hijum die zegt op RTLZ dat wat hem betreft Nederland "best een beetje vooruit mag lopen"
Dat is mogelijk heel stoer, maar dat doet de sector totaal geen goed.
Het gevaar van een braindrain vanuit Nederland is nu wel heel erg dichtbij. Bovendien wordt het voor de Nederlandse financiële sector wel heel moeilijk concurreren met buitenlandse instellingen op de (internationale) arbeidsmarkt.
vrijdag 17 juni 2011
Spookaandelen Rabo?
Op 7 juni 2011 berichtte het Financieele Dagblad over een op het eerste gezicht merkwaardige zaak. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft de Rabobank op de vingers getikt vanwege het feit dat de bonus voor bestuurders in gewoon geld wordt uitgekeerd. Volgens een woordvoerder van DNB schrijven Europese regels voor dat de bonus van bankiers voor minstens de helft uit aandelen bestaat, die de ontvanger enkele jaren moet vasthouden. Hij stelt daarbij:
Deze affaire lijkt op het eerste gezicht een voorbeeld van een strikt formalistische benadering van de DNB die weinig effectief is.
De Rabo is er zelf ook niet erg over te spreken. Zo zegt commissaris Walravens in het artikel . . "Ze eisen dat we spookaandelen gaan uitgeven voor de bonus. Veel gekker moet het toch niet worden!' zo riep hij vertwijfeld uit."
Nu zou ik persoonlijk dergelijke bewoordingen niet kiezen, maar het toont wel de emotie, zonder daarbij overigens op de feiten in te gaan. Overigens iets dat ook het Financieele Dagblad nalaat.
Dat valt ook wel te begrijpen want het is niet zo makkelijk om die Europese regels te vinden waarnaar de DNB verwijst. De Green Paper over de financiele sector zegt niet zo veel over bonussen en stelt zeker geen formele eisen. Verder is op de website van de EU niet gelijk iets te vinden. Het enige gremium in Europa dat regels geeft over de beloning van bankiers is het Basel Committee on Banking Supervision. In januari 2010 publiceerde deze commissie een document met de titel "Compensation Priciples and Standards Assessment Methology' waarin toezichthouders aanwijzingen krijgen hoe zij de beloningspraktijk bij financiele instellingen dienen te beoordelen. In dat document is niets te vinden over de plicht een deel van de variabele beloning uit te keren in aandelen. Voor beloningsprincipes verwijst het document weer naar de FSB Principles for Sound Compensation Practices. Ook daar kan ik Dichter bij huis zegt de Code Banken in paragraaf 6.4 ook niet dat een deel van de variabele beloning in aandelen moet worden uitgekeerd. De Rabobank voldoet vrijwillig aan de Nederlandse Corporate Governance Code en ook daar is die verplichting niet te vinden.
Op de website van het Europees Parlement is het ook niet plezierig zoeken maar uiteindelijk stuit ik op richtlijn 2010/76/EU. Daarin staat dat een aanzienlijk deel, en in ieder geval ten minste 50 % van een variabele beloning, moet bestaan uit een afgewogen mix van:
"De EU-regels kennen echter geen uitzonderingen, zegt een woordvoerder van DNB, het orgaan dat in Nederland toeziet op de naleving daarvan. 'De bepaling omtrent uitbetaling in financiële instrumenten geldt voor alle ondernemingen, ongeacht of ze beursgenoteerd zijn.'Nu is de Rabobank niet beursgenoteerd en kunnen ze geen aandelen uitkeren want die heeft de bank niet. De DNB zet de bank nu onder druk om synthetische instrumenten te ontwerpen voor bonusontvangers, waarvan bijvoorbeeld de waarde gekoppeld is aan de koers van achtergestelde obligaties.
Deze affaire lijkt op het eerste gezicht een voorbeeld van een strikt formalistische benadering van de DNB die weinig effectief is.
De Rabo is er zelf ook niet erg over te spreken. Zo zegt commissaris Walravens in het artikel . . "Ze eisen dat we spookaandelen gaan uitgeven voor de bonus. Veel gekker moet het toch niet worden!' zo riep hij vertwijfeld uit."
Nu zou ik persoonlijk dergelijke bewoordingen niet kiezen, maar het toont wel de emotie, zonder daarbij overigens op de feiten in te gaan. Overigens iets dat ook het Financieele Dagblad nalaat.
Dat valt ook wel te begrijpen want het is niet zo makkelijk om die Europese regels te vinden waarnaar de DNB verwijst. De Green Paper over de financiele sector zegt niet zo veel over bonussen en stelt zeker geen formele eisen. Verder is op de website van de EU niet gelijk iets te vinden. Het enige gremium in Europa dat regels geeft over de beloning van bankiers is het Basel Committee on Banking Supervision. In januari 2010 publiceerde deze commissie een document met de titel "Compensation Priciples and Standards Assessment Methology' waarin toezichthouders aanwijzingen krijgen hoe zij de beloningspraktijk bij financiele instellingen dienen te beoordelen. In dat document is niets te vinden over de plicht een deel van de variabele beloning uit te keren in aandelen. Voor beloningsprincipes verwijst het document weer naar de FSB Principles for Sound Compensation Practices. Ook daar kan ik Dichter bij huis zegt de Code Banken in paragraaf 6.4 ook niet dat een deel van de variabele beloning in aandelen moet worden uitgekeerd. De Rabobank voldoet vrijwillig aan de Nederlandse Corporate Governance Code en ook daar is die verplichting niet te vinden.
Op de website van het Europees Parlement is het ook niet plezierig zoeken maar uiteindelijk stuit ik op richtlijn 2010/76/EU. Daarin staat dat een aanzienlijk deel, en in ieder geval ten minste 50 % van een variabele beloning, moet bestaan uit een afgewogen mix van:
- aandelen of vergelijkbare eigendomsbelangen, afhankelijk van de juridische structuur van de krediet instelling in kwestie, dan wel, in het geval van een niet op de beurs genoteerde kredietinstelling, op aandelen gebaseerde instrumenten of vergelijkbare niet-liquide instrumenten, en
- indien van toepassing, andere instrumenten zoals bedoeld in artikel 66, lid 1 bis, punt a), die een goede weerspiegeling zijn van de kredietkwaliteit van de kredietinstelling in het kader van de lopende bedrijfsbeoefening.
- een aanzienlijk deel, en in ieder geval ten minste 40 % van de variabele beloningscomponent, wordt uitgesteld over een periode van ten minste drie tot vijf jaar die aansluit bij de aard van activiteiten, de risico’s daarvan en de activiteiten van het personeelslid in kwestie.
Laten we daarbij bedenken dat de Europese Unie een strenger beloningsbeleid wil om in de toekomst ongelukken te voorkomen. Zoals in de wet staat: het beloningsbeleid is in overeenstemming met en draagt bij aan een degelijke en doeltreffende risico beheersing en moedigt niet aan tot het nemen van meer risico’s dan voor de kredietinstelling aanvaardbaar is.
Dat lijkt mij als belastingbetaler een goed zaak want ik heb al het nodige geld voor het bankwezen bij elkaar moeten schrapen. Ik vind dan ook de maatregel van de DNB helemaal niet "gekunsteld" zoals Walravens tegen de verslaggever stelt. Het is de taak van de nationale toezichthouder om te toetsen of banken aan deze wettelijke eisen voldoen.
Het was natuurlijk leuker geweest als de directieleden van Rabo hun bonus gelijk contant krijgen uitgekeerd, maar het komt wel een beetje hebberig over. Het lijkt ook wel het argument om de constructie gekunsteld te noemen en dat verklaart mogelijk de emotie bij commissaris Walravens.
Wat mij betreft hoeft het ook niet gekker te worden met de bonussen, want daar hebben bankiers (ook bij de Rabo) wel een handje van.
Kortom, er is geen sprake van spookaandelen, maar het voldoen aan een legitieme eis om prudent met bonussen om te gaan.
dinsdag 22 maart 2011
Bonusrel
De Tweede Kamer lijkt nu wel een beetje op hol geslagen te zijn.
Alle bonussen die sinds 2008 aan werknemers van ABN Amro, ASR, ING, Aegon en SNS Reaal zijn uitgekeerd, moeten eenmalig voor 100% worden belast. Dat besluit heeft een meerderheid van de Tweede Kamer dinsdag genomen. Mocht het 100 procent belasten niet mogelijk zijn, dan moet de aftrek van het bedrag in de vennootschapsbelasting worden geweigerd. De motie van PVV-Tweede Kamerlid Roland van Vliet kreeg steun van PvdA, Groenlinks en de SP.
De Kamer nam de PVV-motie aan na de rel over de voorgestelde bonus aan de raad van bestuur van ING, die overigens inmiddels is ingetrokken.
Het lijkt me dat deze motie volstrekt onuitvoerbaar is, omdat deze in strijd is met de grondwet (ongelijke behandeling, omdat er al belasting is betaald) en met internationale bedragen (je kunt achteraf geen extra belasting vragen als dat niet van tevoren is overeengekomen).
Ik kan me de boosheid van de parlementariërs over de ING-bonussen nog wel voorstellen.
Wat ik niet begrijp is dat ons parlement met een dergelijke ondeugdelijke en kansloze maatregel komt.
Als bankiers hun verstand al niet gebruiken hoeft dat toch ook niet voor onze parlementsleden te gelden?
Met welk argument kun je nu achteraf alle bonussen voor de volle 100% terugvragen via de belasting?
Het argument is dat de bonussen hebben bijgedragen tot de kredietcrisis en dat de banken en verzekeraars blijkbaar weinig hebben geleerd (zie de motie).
Je zou zeggen, bedenk dan maatregelen voor de toekomst en verzin niet iets dat volstrekt onhaalbaar is.
Gelukkig maar dat er in de Kamer geen bonussen uitgekeerd, anders zouden we volstrekt ten onder gaan aan nutteloze wetgeving.
Alhoewel?
maandag 21 maart 2011
ING-bonus
Er is weer het nodige gekrakeel over de bonus van een topman, in dit geval de bonus van Jan Hommen van de ING. Hommen ontvangt een bonus van 1,25 miljoen euro bovenop zijn vaste salaris van 1,35 miljoen euro.
Deze bonus zit daarmee net onder het maximum van 100% van zijn vaste salaris en is in lijn met de afspraken die banken zichzelf vorig jaar hebben opgelegd in de Gedragscode Banken.
Daarbij hebben de topbestuurders van ING 2% salarisverhoging gekregen terwijl de gemiddelde ING-medewerker maar 1% krijgt en gepensioneerden hun pensioen ook nu niet geïndexeerd zien.
Wat dat laatste betreft, dat raakt mij persoonlijk, omdat ik met ingang van 1 april ook een ING-pensioen ga ontvangen.
Desondanks ga ik proberen objectief te blijven.
Formeel gesproken is er niets mis met de bonus van de ING-top. Ze hebben immers voldaan aan de gestelde criteria daarvoor die door de algemene vergadering van aandeelhouders op 27 april 2010 zijn vastgesteld.
Daarbij valt op pagina 80 van het jaarverslag te lezen dat de stijging van 2% nodig is omdat het salaris van de top beneden het niveau van de Dow Jones Euro Stoxx 50 ligt.
Dat zal ongetwijfeld betekenen dat de vaste salarissen de komende jaren nog flink gaan stijgen, want dat argument is door de ING al eerder gebruikt.
Ik heb er in mijn boek Grondslagen Corporate Governance geen geheim van gemaakt dat ik het niet zo zie zitten met die grote bonussen van de top van het bedrijfsleven. Empirisch gezien is er geen bewijs te vinden dat het werkt om de bestuurders tot grotere prestaties te dwingen. Het tegendeel is eerder waar, het verleidt bestuurders ertoe om steeds grotere risico's te nemen. Van dat laatste is de bankensector een schoolvoorbeeld, zoals de commissie de Wit al vaststelde.
Dat uiteindelijk de belastingbetaler de rekening betaalt door de banken te steunen met heel veel geld, maakt het allemaal nog veel pregnanter. In het geval van de ING ging dat om 10 miljard euro belastinggeld.
Dat er dan na twee jaar ellende winst wordt gemaakt is op zich helemaal geen buitengewone prestatie.
Laat staan dat er dan ook nog een bonus voor zou moeten worden betaald.
Aan de andere kant zien we dat diezelfde ING stelt dat de pensioenen moeten worden bevroren omdat de bank er te slecht voor zou staan (dat gebeurde overigens ook al in 2010). De pensioenen gaan op de nullijn wegens de aangescherpte kapitaaleisen, de aanhoudende onzekerheid op de financiële markten en omdat er staatssteun moet worden terugbetaald.
Dat de werknemers er maar 1% op vooruit gaan, wordt opvallend genoeg niet vanuit de internationale context bekeken, terwijl er toch heel wat ING-werknemers in het buitenland werkzaam zijn. Blijkbaar geldt die internationale context alleen voor de top.
Kortom, wat we hier zien is weer het bekende voorbeeld van de graaiende topmannen, die hun kans weer schoon zien om de schade in te halen.
Iets anders kan ik er eerlijk gezegd niet van maken.
Dat ze dit doen, zonder rekening te houden met de medewerkers en de gepensioneerden, maakt het helemaal wrang.
Zullen we de volgende keer maar gewoon de banken failliet laten gaan?
Dat laatste blijft in de discussie steeds achterwege maar is niet onbelangrijk.
Dankzij de staatssteun en zonder ingrijpende wijzigingen in het bankensysteem is het uiteindelijk steeds de belastingbetaler die opdraait voor de rekening van wangedrag van de bankiers.
Dat mag wel eens een keer ophouden, denk ik zo.
Misschien moet minister de Jager gewoon zeggen dat de banken de volgende keer niet meer hoeven te rekenen op staatssteun.
Dat lijkt me een prima oplossing en veel beter dan de loze belofte dat ze in de toekomst geen bonussen meer mogen uitkeren als ze staatssteun krijgen.
Hopelijk krijgen ze nooit meer staatssteun en mogen ze het helemaal zelf oplossen. Of er dan nog bonussen kunnen worden uitgekeerd valt te betwijfelen.
Want weet u, wat me het meest ergert is die houding dat de belangen van de top voorgaan op die van de medewerkers, van gepensioneerden en de belastingbetaler.
Wie betaalt er hier nu de rekening?
Nawoord
Vanochtend is de bonus ingetrokken., zoals blijkt uit een brief van Hommen in de Volkskrant.
Dit doet aan mijn betoog niets af, want het is en blijft een uiterst domme en arrogante daad van een bestuur dat blijkbaar niet snapt wat er in de samenleving leeft.
Deze bonus zit daarmee net onder het maximum van 100% van zijn vaste salaris en is in lijn met de afspraken die banken zichzelf vorig jaar hebben opgelegd in de Gedragscode Banken.
Daarbij hebben de topbestuurders van ING 2% salarisverhoging gekregen terwijl de gemiddelde ING-medewerker maar 1% krijgt en gepensioneerden hun pensioen ook nu niet geïndexeerd zien.
Wat dat laatste betreft, dat raakt mij persoonlijk, omdat ik met ingang van 1 april ook een ING-pensioen ga ontvangen.
Desondanks ga ik proberen objectief te blijven.
Formeel gesproken is er niets mis met de bonus van de ING-top. Ze hebben immers voldaan aan de gestelde criteria daarvoor die door de algemene vergadering van aandeelhouders op 27 april 2010 zijn vastgesteld.
Daarbij valt op pagina 80 van het jaarverslag te lezen dat de stijging van 2% nodig is omdat het salaris van de top beneden het niveau van de Dow Jones Euro Stoxx 50 ligt.
Dat zal ongetwijfeld betekenen dat de vaste salarissen de komende jaren nog flink gaan stijgen, want dat argument is door de ING al eerder gebruikt.
Ik heb er in mijn boek Grondslagen Corporate Governance geen geheim van gemaakt dat ik het niet zo zie zitten met die grote bonussen van de top van het bedrijfsleven. Empirisch gezien is er geen bewijs te vinden dat het werkt om de bestuurders tot grotere prestaties te dwingen. Het tegendeel is eerder waar, het verleidt bestuurders ertoe om steeds grotere risico's te nemen. Van dat laatste is de bankensector een schoolvoorbeeld, zoals de commissie de Wit al vaststelde.
Dat uiteindelijk de belastingbetaler de rekening betaalt door de banken te steunen met heel veel geld, maakt het allemaal nog veel pregnanter. In het geval van de ING ging dat om 10 miljard euro belastinggeld.
Dat er dan na twee jaar ellende winst wordt gemaakt is op zich helemaal geen buitengewone prestatie.
Laat staan dat er dan ook nog een bonus voor zou moeten worden betaald.
Aan de andere kant zien we dat diezelfde ING stelt dat de pensioenen moeten worden bevroren omdat de bank er te slecht voor zou staan (dat gebeurde overigens ook al in 2010). De pensioenen gaan op de nullijn wegens de aangescherpte kapitaaleisen, de aanhoudende onzekerheid op de financiële markten en omdat er staatssteun moet worden terugbetaald.
'Onder de huidige omstandigheden is een solide financiële positie van ING van groot belang', aldus het concern in een brief aan het pensioenfonds. Indexatie zou volgens ING niet passen binnen een verantwoord financieel beleid."Dat lijken mij overigens ook prima argumenten om de bonussen voor de top eveneens maar in de ijskast te zetten.
Dat de werknemers er maar 1% op vooruit gaan, wordt opvallend genoeg niet vanuit de internationale context bekeken, terwijl er toch heel wat ING-werknemers in het buitenland werkzaam zijn. Blijkbaar geldt die internationale context alleen voor de top.
Kortom, wat we hier zien is weer het bekende voorbeeld van de graaiende topmannen, die hun kans weer schoon zien om de schade in te halen.
Iets anders kan ik er eerlijk gezegd niet van maken.
Dat ze dit doen, zonder rekening te houden met de medewerkers en de gepensioneerden, maakt het helemaal wrang.
Zullen we de volgende keer maar gewoon de banken failliet laten gaan?
Dat laatste blijft in de discussie steeds achterwege maar is niet onbelangrijk.
Dankzij de staatssteun en zonder ingrijpende wijzigingen in het bankensysteem is het uiteindelijk steeds de belastingbetaler die opdraait voor de rekening van wangedrag van de bankiers.
Dat mag wel eens een keer ophouden, denk ik zo.
Misschien moet minister de Jager gewoon zeggen dat de banken de volgende keer niet meer hoeven te rekenen op staatssteun.
Dat lijkt me een prima oplossing en veel beter dan de loze belofte dat ze in de toekomst geen bonussen meer mogen uitkeren als ze staatssteun krijgen.
Hopelijk krijgen ze nooit meer staatssteun en mogen ze het helemaal zelf oplossen. Of er dan nog bonussen kunnen worden uitgekeerd valt te betwijfelen.
Want weet u, wat me het meest ergert is die houding dat de belangen van de top voorgaan op die van de medewerkers, van gepensioneerden en de belastingbetaler.
Wie betaalt er hier nu de rekening?
Nawoord
Vanochtend is de bonus ingetrokken., zoals blijkt uit een brief van Hommen in de Volkskrant.
Dit doet aan mijn betoog niets af, want het is en blijft een uiterst domme en arrogante daad van een bestuur dat blijkbaar niet snapt wat er in de samenleving leeft.
Abonneren op:
Posts (Atom)